De natuur beschermen en herstellen is van vitaal belang in de strijd tegen de klimaatcrisis. Dat schrijft het WWF op zijn website. Vlaanderen maakt daar onder andere werk van met het Sigmaplan, waarmee we authentieke riviernatuur herstellen.

Het WWF bracht vier rapporten van de Verenigde Naties over natuurverlies samen en kwam tot deze conclusie: het beschermen, herstellen en beheren van ecosystemen en biodiversiteit is een duurzame manier om de weerbaarheid tegen risico’s van klimaatverandering te verbeteren, en om ervoor te zorgen dat land en oceanen de komende jaren voedsel, water en andere vitale hulpbronnen kunnen blijven leveren aan mensen. Door de natuur te redden, vergroten we de kansen om onder een opwarming van 1,5°C te blijven.

Aanpassen aan klimaatverandering

In eigen land biedt de natuur vooral veel kansen om ons aan te passen aan de effecten van de klimaatverandering. Als voorbeeld haalt het WFF de natuurgebieden naast de Schelde aan die worden aangelegd in het kader van het Sigmaplan.

Het Sigmaplan wapent Vlaanderen tegen de gevolgen van de klimaatverandering via een tandem van waterveiligheid (zoals de aanleg van overstromingsgebieden) en natuurontwikkeling. Samen met de natuur maken we werk van een klimaatbestendige en veerkrachtige Scheldevallei.

Via het Europese project LIFE Sparc verleent Europa steun om acht Sigmagebieden versneld om te vormen tot klimaatbuffers tegen de stijgende zeespiegel en extreme weersomstandigheden.

Natuur als bondgenoot

Wat die natuurontwikkeling precies inhoudt? Enerzijds investeren we in wetlands, drassige gebieden waar zeldzame planten en dieren leven. Wetlands zijn heel divers. Het landschap kan er variëren van open water tot rietland en elzenbroekbossen. Ze fungeren als een grote spons en houden het regenwater vast. Zo’n gebied werkt dus als natuurlijke waterbuffer. Tijdens periodes van droogte geven ze het water met mondjesmaat weer af. Een cruciale eigenschap om droogtes, die ons in de toekomst vaker te wachten staan, aan te kunnen.

Anderzijds heb je getijdennatuur: een gevarieerd, bijzonder natuurtype dat ontstaat in gebieden die onderhevig zijn aan het getij. Op het ritme van eb en vloed beeldhouwt de rivier er een netwerk van slikken, schorren, geulen en kreken. Na verloop van tijd komen er planten tot bloei, op lange termijn weelderige wilgenvloedbossen.

Ook getijdennatuur is een nuttige instrument om de gevolgen van de klimaatverandering aan te pakken. De begroeiing op slikken en schorren tempert de golfslag, zodat dijken minder druk ondervinden: een natuurlijke buffer tegen overstromingen, die onder invloed van de klimaatverandering zowel in aantal als in intensiteit zullen toenemen. Net als bomen slaan slikken en schorren ook CO2 uit de lucht op. 

Niet alleen bomen

Ook Natuurpunt wijst in een recent online artikel op het belang van natuurtypes zoals wetlands en slikken en schorren: “Om klimaatverstoring op te lossen hebben we bomen, bomen en nog eens bomen nodig, [maar] ook andere types natuur. Zowel om CO2 op te slaan, als om de grootste klimaatschokken op te vangen. Denk aan veengebieden, slikken en schorren, moerassen of natte heides: zolang die nat blijven, houden die niet alleen CO2 vast in de bodem, maar vullen tegelijkertijd het grondwater aan en beschermen ons tegen overstromingen, periodes van droogte en hittegolven. Echte klimaatbuffers dus, die een grote bijdrage leveren aan een klimaatrobuust Vlaanderen én aan onze biodiversiteit.”